MENU
 
Home
Nieuwsbrief
GC in de media
SiteMap
 
 
Tips en Tricks
Excel
Word
Photoshop
PowerPoint
Surf Tips
Gmail
Android
iPad
Excel ClipTips
 
cursus Office 2016
Access
Excel
Outlook
PowerPoint
Word
 
cursus Office 2013
Excel
PowerPoint
Word
Nieuw in Excel 2013
Nieuw in Word 2013
Nieuw in PowerPoint 2013
 
cursus Office 2010
Access
Nieuw in Excel 2010
Excel automatiseren
Excel
OneNote
Outlook
PowerPoint
Word
 
cursus Office 2007
Access
Excel
Outlook
PowerPoint
Publisher
Visio
Word
 
cursus Office
2000-2002-2003-XP
Access
Excel
PowerPoint
Outlook
Word
 
cursus Photoshop
CC -3D
Animatie
CS6
CS5
CS4
CS2 - CS3
Lightroom 3
Elements 6
Mask Pro
Nik Collection
 
cursus Dreamweaver
CS3
 
cursus Illustrator
CS4
 
cursus Flash
CS4
 
cursus Fireworks
CS4
 
cursus Paint Shop Pro
X en X2
 
cursus Premiere
Elements 7-8
 
cursus Joomla
Joomla 1.5
 
Sociale Netwerk sites
Facebook
LinkedIn
Twitter
 
iPad
Apps
 
Diversen
Celtx
CSS
DropBox
Firefox 3.6
GIMP
Internet Explorer 9
LIME
Linux
OpenSUZE
PREZI
ProShow Producer
YouTube
 
cursus Google
Agenda
Analytics
Gmail
Zoeken
Picasa 3
SketchUp
Chrome
Street View
 
cursus Windows
Live Movie Maker
Windows 10
Windows 8
Windows 7
XP
Vista
 
cursus Office '97
Word
Excel
 
 

 

Cursus Photoshop 3D go to : Index - Vorige - Volgende
       
Les 26 Pet eigenschappen (2)  
 
Schuine kant
Zoals je kunt zien in het 3D-venster, heeft een 3D-object twee lagen met materialen voor schuine zijden.
Je hebt het materiaal laag voor de schuine voorzijde, en je hebt een materiaal laag voor de schuine achterzijde.
Net als bij de optie "Opblazen" hebben we bij de optie "Schuine kant" de zijde of zijden te kiezen die we willen voorzien van een schuine kant.
De optie schuine kant beschikt over twee instellingen.
Je hebt de breedte, die wordt ingesteld in percentage.
En je hebt de hoek die wordt ingesteld in graden.
 
De breedte van de schuine kant bepalen we met het instellen van het percentage van het vak "breedte".
 
Hoe hoger het percentage, hoe breder de rand.
 
Met een hoek ingesteld met positieve graden plaatsen de randen zich naar buiten.
 
Met een hoek ingesteld met negatieve graden plaatsen de randen zich naar binnen.
 
 
Contouren
In Photoshop beschikken we over een aantal vooraf ingestelde contouren.
Wens je hiervan één te gebruiken klik je het naar benedenwijzend pijltje naast het vak contouren, en klik deze die je wenst te gebruiken.
 
Wens je een vooraf ingestelde contour te gebruiken en hiervan de breedte of de hoek te wijzigen, geen probleem, wijzig deze in de respectievelijke vakken.
 
Contour toevoegen
Wens je later deze contour opnieuw te gebruiken klik je het radarwieltje naast de vooraf ingestelde contouren en klik je "Nieuwe contour".
 
Photoshop zal je vragen naar een naam waaronder je de contour wenst op te slagen.
Typ een naam, en klik de knop OK.
 
De volgende maal je de contouren opent, zal je zien dat jouw contour is toegevoegd onderaan het lijstje.
 
Contour bewerken
Een andere manier om een contour te bewerken is het voorbeeldvenstertje te klikken, in het contourvenster dat opent sleep je ankerpunten in de gewenste positie. Om een ankerpunt tot te voegen klik je op de lijn in de grafiek op de plaats war je het wenst toe te ogen.
Klik en sleep het ankerpunt in de gewenste positie.
Om een ankerpunt te verwijderen, klik en sleep je dit uit het grafiekvenster.
 
Kleur of structuur schuine kant wijzigen
Om het materiaal van de schuine kant van een 3D-object te wijzigen selecteer je eerst de laag met de schuine kant, onder het venster 3D.
 
Vervolgens selecteer je het venster "Eigenschappen" en je wijzigt de kleur of de structuur van de diffusie.
 
 
 Index - Vorige - Volgende
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

All courses now available in English:
www.swotster.com

copyright © 2012 - Swotster Ltd - Hong Kong - China